WERK AAN UITVOERING

Hoe organiseer je leven lang ontwikkelen in het mbo

Mbo-scholen zijn onmisbaar als we de crisis op de arbeidsmarkt willen oplossen. Er liggen grote kansen op het gebied van Leven Lang Ontwikkelen (LLO), waarmee vraag en aanbod op de arbeidsmarkt veel beter op elkaar afgestemd kunnen worden. Maar hoe doe je dat, succesvol en duurzaam LLO-activiteiten opzetten?

De arbeidsmarkt piept en kraakt. In ons eerste blog hebben wij het vraagstuk kort geanalyseerd en geconcludeerd dat er een grote rol weggelegd is voor het middelbaar beroepsonderwijs (mbo). Daarin past het opleidingen en cursussen in het kader van Leven Lang Ontwikkelen (LLO) op te zetten. Zo draag je bij aan de oplossing van een maatschappelijk (regionaal) vraagstuk en waarborg je de continuïteit van de organisatie. Het opzetten van LLO-activiteiten draagt ook bij aan het realiseren van de maatschappelijke opdracht van het mbo: mensen op te leiden zodat zij duurzaam in de maatschappij kunnen functioneren.

‘De focus op LLO sluit ook perfect aan op de belangrijkste doelstelling van het middelbaar beroepsonderwijs.’

Succesfactoren

Dat is natuurlijk gemakkelijker gezegd dan gedaan. Want LLO-activiteiten opzetten is bewerkelijk en tijdsintensief waarbij de scholen zelf ook te maken hebben met een gebrek aan personeel. Er zijn veel werknemers die op hun tandvlees lopen. Maar hoe moet het dan? Laten we eerst kijken naar de organisaties die al succes hebben geboekt met hun LLO-activiteiten. Sommige mbo-scholen zijn verder met hun LLO-initiatieven dan andere. Wij hebben een paar succesfactoren gevonden. 

  1. De organisatiegraad van de betrokken sector speelt een belangrijke rol in het succes van LLO-activiteiten. De zorgsector is het opvallendste voorbeeld. Zorginstellingen zijn vaak groot en weten tamelijk precies welke kwalificaties hun medewerkers nodig hebben. Een verpleegkundige moet gecertificeerd zijn om bepaalde handelingen te mogen doen. De vraag van de zorgsector is dus heel specifiek. Dat maakt het voor een school veel gemakkelijker aan de eisen van de sector in zijn geheel te voldoen. Ook een instituut als Defensie weet tamelijk precies waaraan medewerkers moeten voldoen. Geen wonder dat veel mbo-scholen graag iets voor Defensie doen. Het wordt lastiger als een branche niet of beperkt georganiseerd is. Dan is het ook moeilijk te bepalen wat de inhoud van een cursus, training of opleiding moet zijn.
  2. De regionale inbedding heeft ook invloed op het succes van LLO-activiteiten. Als bestuurders en docenten van de mbo-school goede contacten onderhouden met regionale bedrijven en instellingen in de buurt, wordt de afstemming van het aanbod op de vraag natuurlijk een stuk gemakkelijker.
  3. Het derde aspect dat een rol speelt, sluit daaropaan: het enthousiasme van individuen. Zoals veel dingen die succesvol worden, is veel afhankelijk van de energie en de dynamiek van individuele medewerkers die er alles aan doen om het ontwikkeld en geregeld te krijgen.
  4. Wat niet onbenoemd mag blijven: de bereidheid samen te werken met andere mbo-scholen. Als een grote organisatie als Albert Heijn of Jumbo aanklopt bij een mbo-school, is het natuurlijk slim om meteen ‘collega mbo-scholen’ in andere regio’s erbij te betrekken. Dat vergt wel goede afstemming. Samenwerking is niet altijd een recept voor succes, maar wie het goed aanpakt, en alle neuzen dezelfde kant op weet te krijgen, komt heel ver.
  5. Last but not least, de manier waarop een instelling zijn LLO-activiteiten heeft georganiseerd. Bij het ontplooien van LLO-activiteiten ontstaat er een heel andere dynamiek. De organisatievorm moet deze dynamiek ondersteunen en niet tegenwerken. Een instelling met 25.000 studenten is ineerste instantie gefocust op de dominante groep studenten. De cursussen die naast het reguliere opleidingsaanbod worden georganiseerd voor nascholing, bijscholing of omscholing zullen, hoe belangrijk ook, altijd minder aandacht krijgen van een grote organisatie. De oplossing kan zijn: de LLO-activiteiten onderbrengen in een aparte organisatie. Zo ontstaat er een eigen dynamiek, met een management dat zich volledig op de LLO-activiteiten kan concentreren.

    Een aparte, losstaande organisatie laat ook zien hoeveel extra activiteiten er uitgevoerd moeten worden die niet zomaar door de onderwijsteams opgepakt kunnen worden. En het maakt vragen over bijvoorbeeld langere openingstijden, na zes uur ’s avonds of zelfs in het weekend beter in te vullen. Voor de deelnemers is een aparte organisatie ook wel wenselijk. Je ziet een 35-jarige automonteur of verpleegkundige ook niet naast een puber in de schoolbanken. Deelnemers uit verschillende leeftijdsgroepen brengen verschillende ervaringen mee en zitten in verschillende levensfases. Het kan belangrijk zijn hiermee in het samenstellen van de lessen rekening te houden.

En nu aan de slag! Strategie = Executie!

Een begin maken met LLO vraagt om dezelfde benadering als willekeurig welk ander nieuw initiatief. Elk nieuw initiatief heeft focus nodig, bestuurlijke focus. Op een gegeven moment moet je met de partners uit de regio die focus aanbrengen, je kan tenslotte niet alles tegelijk oppakken en een uitvoeringsagenda opstellen. Gebaseerd op de belangrijkste vraagstukken waarmee de bedrijven en organisaties in de regio kampen. En met die uitvoeringsagenda kun je de LLO-activiteiten gaan ontwikkelen. Dat blijft de beste manier om zo’n initiatief van de grond te krijgen: ergens beginnen. Iets doen. Je organiseert de steun van een regionaal ecosysteem, of van de economic board, kiest positie en gaat ervoor.

Turner ziet LLO als een publieke taak. Er zijn meer organisaties die een breed cursus- en opleidingsaanbod hebben, maar omdat LLO een opdracht van grote maatschappelijke importantie is, behoren de publiek gefinancierde onderwijsinstellingen het voortouw te nemen. Ook omdat vraagstukken als het tekort aan werknemers in de zorg en de techniek en de energietransitie maatschappelijk zo relevant zijn. Private onderwijsinstellingen vervullen een nuttige rol, maar deze uitdagingen zijn te groot en te belangrijk.

Meer inzichten over de onderwijs sectoren en over Werk Aan Uitvoering

Contact​

We leren je graag kennen.
Neem contact op voor een kennismaking.

Huize de Boom
Arnhemseweg 107
3832 GK Leusden

Telefoon: +31 (0)33 – 285 93 00
Email: info@turner.nl

Maak een afspraak

Wilt u meer informatie of een offerte op maat ontvangen? Vul het formulier in voor een vrijblijvende afspraak.